TKV Klimop

‘En, wat vind je van m’n haar?’ Hij kwakt de vraag samen met zijn schooltas neer, boven op de hoop met slippers en klompen naast de achterdeur. Ik sta met een gebloemd schort voor geknoopt te koken, maar laat de pannen met pruttelende spaghetti en pastasaus achter op de kookplaat en ga even kijken bij het gestommel. Ik steek mijn hoofd om de deurpost en inspecteer het bevraagde kapsel. Veel scheerwerk van opzij, constateer ik, bijzonder weinig veranderd aan de voorkant. ‘Niet tevree?’vraag ik neutraal. De zoon stiefelt de keuken in en ploft met een diepe zucht op een stoel aan de tafel. Hij begint te vertellen; over zijn bezoek aan de barbier. ‘Barbier,’ herhaal ik, alsof ik daar nog nooit van gehoord heb. Barbier ja, het zijn geen kappers, krijg ik te horen. Hij had twee tussenuren. Leek hem handig om even tussendoor te gaan. ‘Leek!’ benadrukt hij. Op aanraden van een klasgenoot was hij niet naar Murat’s oom gegaan, waar hij anders altijd naartoe ging. Dit keer naar een andere. ‘Deze heeft ook gouden föhns en tondeuses.’ Maar anders dan bij Murat’s oom, kreeg hij hier geen glaasje drinken tijdens het wachten op zijn knipbeurt. Het was een stagiair ofzo die zijn mid-fade schoor. Had het duidelijk nog niet vaak gedaan. ‘Die gast deed er drie kwartier over om één kant van m’n haar af te krijgen.’ Toen pas de andere kant. Minstens 100 keer ging die met dat scheerapparaat over één stukje haar. Hij doet de scherende stagiair na met grote armzwaaien. Ik proest. Trek mijn gezicht daarna snel weer in de plooi. Hij bobbert verder: die man sprak geen Nederlands en geen Engels. Hij had alles ‘een soort van’ moeten aanwijzen. Er was al anderhalf uur voorbij en toen moest hij nog aan de bovenkant beginnen. ‘Maar toen moest ik echt weer naar school.’ ‘En toen?’ vraag ik. ‘Toen zei ik dat het wel goed was zo.’ Hij trekt met een vlakke hand het haar aan de voorkant van zijn hoofd omlaag. Het komt tot ver onder zijn ogen. ‘Maar zo zie je toch bijna niets,’ werp ik tegen. De zoon laat het haar onder zijn hand los, het veert nauwelijks terug en blijft als een gordijn voor zijn ogen hangen. ‘Mwah, tis wel oké zo. Ik stuur je een tikkie, goed?’ Hij staat op en sloft naar de koekjes-la en trekt die open. Er ligt een keur aan aangebroken verpakkingen in. Hij tuurt er even naar en duwt de la met een zwiep van zijn heup weer dicht. Dan opent hij de kast ernaast. Graait er een nieuw pak koekjes uit. Het felgele memoblaadje dat ik daar met voorbedachten rade aan het schap hebt geplakt met daarop de tekst: ‘Eerst aan mama vragen, vreetzak!’, negeert hij. Met een mergpijpje in zijn mondhoek stapt hij naar het fornuis. Tilt het deksel van de pan met saus en beoordeelt de inhoud. Hij maakt een brommend geluid. Er valt uit op te maken dat de saus niet het voordeel van de twijfel krijgt. Als we even later aan tafel zitten kondigt de zoon aan dat hij na het eten wil gaan vissen. Terwijl hij de stukjes paprika en courgette van links naar rechts en weer terug verplaatst op zijn bord doet hij verwoede pogingen om zijn zusje zover te krijgen om met hem mee te gaan. Die zegt uiteindelijk toe, maar verkoopt haar huid duur. In ruil moet haar broer mee naar haar pony om die te poetsen. Terwijl de onderhandeling vordert, schep ik de maaltijd op de borden. Een nestje spaghetti, een lepel dampende goed gevulde pastasaus. Daarbovenop leg ik een toef rucola. ‘Wat doe je!’ gilt de zoon. ‘Waarom gooi je klimop op mijn pasta?’. Ik pareer deze belediging met termen als ‘lekker fris’ en ‘gezond’. Grommend vat hij de toestand in zijn bord samen als ‘niet eetbaar’, maakt kokhals geluiden en grijpt demonstratief naar zijn keel. De rucola wordt direct over de randen van zijn bord gedrapeerd, als sierlijke motieven op een delfsblauwe pronkschaal. Ik overweeg mijn strategie. Luchtigjes gooi ik erin: ‘Eerst bord leeg, dan vissen’. Schaakmat, wedden. Tevreden kauwend geniet ik van het eten en van mijn onderhandelingspositie die ik als gunstig inschat. Want zijn liefde voor het vissen gaat, moet je weten, namelijk letterlijk door de maag. Binnen vijf minuten zijn de stukjes paprika en courgette verdwenen. Zelfs de klimop is op.